

h17 pech, ongeval en vluchtmisdrijf
Presentation
•
Professional Development
•
Professional Development
•
Easy
Tine Smet
Used 28+ times
FREE Resource
1 Slide • 21 Questions
1
​

2
Multiple Choice
Wat is NIET pech?
3
Multiple Choice
Wat is een ongeluk met enkel blikschade?
(met enkel stoffelijke schade)
(met enkel materiële schade)
4
Multiple Choice
Wat is een ongeluk met gewonden
(=gekwetsten)
5
Multiple Choice
Bij welke foto is de persoon licht gewond?
6
Multiple Choice
Bij welke foto is de persoon zwaar gewond?
7
Multiple Choice
Wat is een vluchtmisdrijf?
weten dat je iets fout hebt gedaan maar de gewonde niet helpen, geen 112 bellen, niet betalen voor wat je kapot hebt gemaakt
fout parkeren
8
Multiple Choice
Ongeluk. Wat doe je eerst?
112 bellen
zorgen voor je eigen veiligheid
kijken naar de gewonde
9
Multiple Choice
Hoever plaats je de gevarendriehoek
op een autosnelweg?
30 meter of minder
50 meter
100 meter of meer
(minimum 100 meter)
10
Multiple Choice
Hoever plaats je de gevarendriehoek
op een gewone weg?
30 meter of minder, je mag hem ook op het dak zetten binnen de bebouwde kom
50 meter
100 meter of meer (minimum 100 meter)
11
Multiple Choice
Vanaf hoe ver moet je de gevarendriehoek kunnen ZIEN als jij rijdt met de auto.
(ZICHTBAAR)
30 meter of minder, je mag hem ook op het dak zetten binnen de bebouwde kom
50 meter
100 meter of meer (minimum 100 meter)
12
Multiple Choice
De auto is kapot (pech).
een auto slepen.
Wat is NIET juist.
je mag overal een auto slepen, ook op de autosnelweg en autoweg.
maximaal aan 25 km/u
rode doek als meer dan 3m tussen
13
Multiple Choice
Auto is kapot (pech).
Hoe lang mag mijn kapotte auto blijven staan
op de pechstrook of een parkeerstrook?
zolang je wil
maximum 24 uur
14
Multiple Choice
Ongeval enkel stoffelijke schade,
dus geen gewonden.
MOET je de politie bellen?
nee, dat moet niet
ja, dat moet.
15
Multiple Choice
Ongeval enkel stoffelijke schade,
dus geen gewonden.
Wanneer moet je soms wel de politie bellen?
als je zo'n ongeval hebt op de autosnelweg
Als de andere chauffeur dronken is, drugs nam, geen geldig rijbewijs, identiteitskaart, verzekering heeft. Of als er ruzie is.
16
Multiple Choice
Je belt de politie maar die kan niet komen.
Wat moet je dan doen?
binnen de 24u naar een politiekantoor gaan
Binnen de 14 dagen naar een politiekantoor gaan.
17
Multiple Choice
Ongeval stoffelijke schade.
Je vult het aanrijdingsformullier in.
Wat MOET je direct invullen?
alleen de voorkant van het aanrijdingsformulier op papier of via de app Crashform alles.
voor- en achterkant van het aanrijdingsformulier
alleen de achterkant is verplicht
18
Multiple Choice
Ongeval met gewonden. Welk telefoonnummer bel je voor hulp?
911
100
112,
het Europese nummer
19
Multiple Choice
Ongeval met gewonden. De gewonde wil water drinken.
je geeft water
je geeft een beetje (een slokje)
je geeft niets! dit kan de wonde binnenin erger maken (beweging)
20
Multiple Choice
Ongeval met gewonden. Mag je die persoon een paracetamol geven?
ja, natuurlijk!
nee!
21
Multiple Choice
Ongeval met gewonden. Wat doe je met de helm van een motorrijder?
je neemt die af.
je laat die op!
enkel het venster (raam) mag omhoog om beter te ademen.
22
Multiple Choice
Ongeval met gewonden. Er is iemand erg aan het bloeden wat doe je?
niets
je gebruikt een drukverband om het bloed te stelpen.
een knevel rond de arm
​

Show answer
Auto Play
Slide 1 / 22
SLIDE
Similar Resources on Wayground
14 questions
Sesión 3 YOUTUBE
Presentation
•
Professional Development
16 questions
Emociones
Presentation
•
Professional Development
17 questions
Gerencia de la información
Presentation
•
Professional Development
19 questions
Para Que
Presentation
•
KG
17 questions
Conceptos básicos SOC
Presentation
•
Professional Development
16 questions
Retroalimentación Hermanos Mayores
Presentation
•
Professional Development
18 questions
Ley General de Educación
Presentation
•
Professional Development
18 questions
Dominio 2, parte 2: Horizontal.
Presentation
•
Professional Development
Popular Resources on Wayground
10 questions
Safety Day 2026 – Student Review
Quiz
•
9th Grade
21 questions
Continents and Oceans
Quiz
•
6th Grade
20 questions
Parts of Speech
Quiz
•
5th Grade
16 questions
Subject & Predicate
Quiz
•
5th Grade
25 questions
Multiplication Facts
Quiz
•
5th Grade
12 questions
Map Skills
Quiz
•
3rd Grade
22 questions
Continents and Oceans
Quiz
•
5th Grade
15 questions
Rounding Decimals
Quiz
•
5th Grade