

Oefenen voor de schrijfopdracht Feestdagen
Presentation
•
World Languages
•
KG - 12th Grade
•
Practice Problem
•
Hard
Maaike Hubee
Used 1+ times
FREE Resource
8 Slides • 12 Questions
1
Door Maaike Hubee
2
Het onderwerp en de persoonsvorm moeten kloppen.
Mijn vriendin vindt Sinterklaas leuk. Ze houdt van cadeautjes krijgen.
De mensen vieren graag Kerst. Bijna iedereen heeft een kerstboom.
Als je iets in de verleden tijd schrijft en het is een enkele zin: voltooide tijd.
We vieren dat Jezus is geboren.
Ik heb vanaf mijn geboorte mijn verjaardag gevierd.
Als je een aantal zinnen in de verleden tijd schrijft: onvoltooid verleden tijd.
Toen de drie wijzen naar Jezus gingen, volgden ze een ster. Die ster vertelde hen waar ze moesten zijn. Toen ze bij de stal kwamen, gaven ze een cadeau. De cadeaus waren mirre, wierook en goud.
3
Fill in the Blanks
Vul het werkwoord op de goede manier in:
De Nederlandse bevolking
Type answer...
4
Fill in the Blanks
Vul het werkwoord op de goede manier in:
Veel Nederlanders
Type answer...
5
Fill in the Blanks
Vul het werkwoord op de goede manier in:
Het gezin
Type answer...
6
Fill in the Blanks
Vul de werkwoorden op de goede manier in (let op: voltooide tijd):
Ik .................... (hebben) nog nooit een cadeautje voor mijn vriend ......................... (kopen) voor Valentijnsdag.
Type answer...
7
- Het werkwoord moet aan het einde van de zin (in het tweede deel).
Ik heb een vriendin die elk jaar op Vaderdag een stropdas aan haar vader geeft.
Ik heb een vriendje dat elk jaar zijn moeder op Moederdag met een flesje parfum verwent.
De mensen vieren Dierendag, omdat zij dieren belangrijk vinden.
8
Multiple Choice
Welke zin heeft de goede structuur?
Driekoningen is echt leuk, omdat je met je familie kan zijn.
Driekoningen is echt leuk, omdat je kan met je familie zijn.
Driekoning is echt leuk, omdat je zijn kan met je familie.
Driekoningen is echt leuk, omdat je zijn met je familie kan.
9
Multiple Choice
Welke zin heeft de goede structuur?
Ik denk dat heel veel mensen over de hele wereld vinden het ook een leuk feest.
Ik denk dat heel veel mensen over de hele wereld het ook een leuk feest vinden.
Ik denk dat heel veel mensen over de hele wereld het vinden ook een leuk feest.
Ik denk dat heel veel mensen vinden over de hele wereld het ook een leuk feest.
10
- Als je een zin met iets anders dan het onderwerp begint, verandert de woordvolgorde.
Nederlanders vieren in april Koningsdag.
In april vieren Nederlanders Koningsdag.
De cadeautjes, die mensen aan elkaar willen geven, liggen onder de kerstboom.
Onder de kerstboom liggen cadeautjes, die mensen aan elkaar willen geven.
Zingend vragen kinderen op Sint Maarten aan hun buren om iets lekkers.
11
Multiple Choice
Welke zin heeft de goede structuur?
Rond Kerst veel mensen, christelijk of niet, versieren hun kerstboom met lichtjes.
Rond Kerst, veel mensen, christelijk of niet, hun kerstboom met lichtjes versieren.
Rond Kerst versieren veel mensen, christelijk of niet, hun kerstboom met lichtjes.
Rond Kerst veel mensen, christelijk of niet, hun kerstboom versieren met lichtjes.
12
Multiple Choice
Welke zin heeft de goede structuur?
In Nederland Sinterklaas wordt op 5 december gevierd, maar in België, ze vieren het op 6 december.
In Nederland, wordt Sinterklaas op 5 december gevierd, maar in België, ze vieren het op 6 december.
In Nederland, Sinterklaas wordt op 5 december gevierd, maar in België ze vieren het op 6 december.
In Nederland wordt Sinterklaas op 5 december gevierd, maar in België vieren ze het op 6 december.
13
Sommige mensen in Nederland vieren ook Halloween.
Halloween vieren sommige mensen in Nederland niet.
Sommige mensen, die in Nederland wonen, vieren ook Halloween.
14
Multiple Select
Welke zin heeft de goede structuur? (twee antwoorden zijn correct)
Jij ook eet speciaal eten.
Jij eet ook speciaal eten.
Ook jij eet speciaal eten.
Ook eet jij speciaal eten.
15
- De dagen en de maanden van het jaar krijgen geen hoofdletter.
- Je gebruikt het voorzetsel 'op' voor een specifieke datum.
- Je gebruikt het voorzetsel 'in' voor een maand of een jaar.
- Je gebruikt geen 'van' of 'rangtelwoord' voor een specifieke datum (uitzondering: Eerste Kerstdag/Tweede Paasdag).
In maart wordt Moederdag in Engeland gevierd.
Op 14 februari vieren veel mensen Valentijnsdag.
In de 17e eeuw begonnen mensen met de traditie om een kerstboom te kopen.
16
Multiple Choice
Wat is een goede zin?
Sinterklaas wordt op 5e december gevierd.
Sinterklaas wordt op 5 december gevierd.
Sinterklaas wordt op de 5e December gevierd.
Sinterklaas wordt in 5 december gevierd.
17
Multiple Choice
Wat is een goede zin?
Vaderdag is in de eerste zondag in juni.
Vaderdag is op de eerste zondag op juni.
Vaderdag is op de eerste zondag in juni.
Vaderdag is in de eerste zondag op juni.
18
Multiple Choice
Wat is een goede zin?
Op 25 van februari is jullie docent jarig.
Op 25 Februari is jullie docent jarig.
Op 25e februari is jullie docent jarig.
Op 25 februari is jullie docent jarig.
19
- Namen van personen, landen en feestdagen moeten wel met een hoofdletter:
Amerikanen, Duitsland, Sinterklaas, Piet, Kerst.
Engelse mensen, Nederlandse kinderen
- Feestdagen + een ander woord doen we niet met hoofdletter:
kerstboom, kerstcadeau
- Voor 'en' zet je geen komma (wel voor de andere voegwoorden).
- Leer de spelling (en de woorden) die erg op het Engels lijken, maar anders zijn in het Nederlands.
favoriete, viering, vieren, .....
- Leer termen uit deze unit
cadeaus geven aan, iemand verwennen met, ...
20
- PEEL structuur
- Titel + tussenkopjes
- 225-275 woorden
Door Maaike Hubee
Show answer
Auto Play
Slide 1 / 20
SLIDE
Similar Resources on Wayground
13 questions
La ropa
Presentation
•
1st - 6th Grade
15 questions
The Partitive and Expressions of Quantity in French
Presentation
•
8th Grade
16 questions
Vocabulario: Viajar
Presentation
•
7th - 8th Grade
16 questions
Dia de los muertos 22
Presentation
•
6th - 8th Grade
16 questions
PREGUNTAS EN ESPAÑOL/SPANISH QUESTION WORDS
Presentation
•
9th - 12th Grade
14 questions
Realidades 2A: Tu día en la escuela
Presentation
•
7th - 12th Grade
15 questions
5 pilares del Islam
Presentation
•
7th Grade
17 questions
México
Presentation
•
9th - 12th Grade
Popular Resources on Wayground
10 questions
Safety Day 2026 – Student Review
Quiz
•
9th Grade
21 questions
Continents and Oceans
Quiz
•
6th Grade
20 questions
Parts of Speech
Quiz
•
5th Grade
16 questions
Subject & Predicate
Quiz
•
5th Grade
25 questions
Multiplication Facts
Quiz
•
5th Grade
12 questions
Map Skills
Quiz
•
3rd Grade
22 questions
Continents and Oceans
Quiz
•
5th Grade
15 questions
Rounding Decimals
Quiz
•
5th Grade
Discover more resources for World Languages
20 questions
REGULAR Present tense verbs
Quiz
•
8th - 9th Grade
21 questions
Los paises hispanohablantes y sus capitales
Quiz
•
12th Grade
20 questions
Ser vs Estar
Quiz
•
9th Grade
21 questions
Spanish speaking countries and capitals
Quiz
•
9th Grade
20 questions
Preterite vs. Imperfect
Quiz
•
10th Grade
20 questions
Present tense stem-changing verbs
Quiz
•
9th Grade
14 questions
Los Dias de la Semana
Quiz
•
6th - 8th Grade
20 questions
Ser vs. Estar
Quiz
•
10th Grade